Antwoorden boek 1 - deel 1

  1. De ‘fundamentalist’ neemt beslissingen op basis van bepaalde economische gegevens en nieuws (kwartaalcijfers, nieuwsberichten,…) van bedrijven.
    De ‘techische analist’ bestudeert het koersverloop van het aandeel. Hij gebruikt verschillende grafieken en indicatoren.
  2. Lijngrafiek, staafgrafiek, kaarsgrafiek, Heikin Ashi, EquiVolume en Renko.
  3. De lijngrafiek is gebaseerd op één bron, meestal de slotkoers.
    Een lijngrafiek geeft minder informatie over het verloop van de koers tijdens de sessie.
    U heeft geen idee van de verhoudingen tussen opening, hoogste, laagste en slot én vorig slot.
    Vooral dit laatste is belangrijk waardoor u gaps niet kunt zien.
  4. De verschillende periodes herkennen: trend, consolidatie, correctie, keringen.
  5. U ziet op de Y-as labels van 20.75, 21.75, 22.75,…  Blokje = 1
    Slotkoers van dag 1 = 20.75 = Dit is het startniveau
    Dag1: >6: slotkoers niet hoger dan 21.75 of lager dan 19.75 -> geen blokje
    Dag7: slotkoers < 19.75 = 1 zwart blokje
    Dag9: slotkoers  = 18.75 = 1 zwart blokje
    Dag13: slotkoes > 20.75 = 1 wit blokje
    Dag17: slotkoers > 21.75 = 1 wit blokje
    Dag19: slotkoers > 22.75 = 1 wit blokje
    Dag20: slotkoers > 23.75 en > 24.75 = 2 witte blokjes
    Dag21: slotkoers >25.75 en >26.75 = 2 witte blokjes
    Dag24: slotkoers <24.75 = 1 zwart blokje
    Dag28: slotkoers > 26.75 = 1 wit blokjes
    ….. 

  6. a) Geen van allen.
    b) Er zijn betere kandidaten want de return/risk verhouding is niet interessant.
    c) Ja, de RR verhouding is wel interessant.

  7. Goed gezien, dit zijn geen counter attacks maar wel shooting stars.

  8. a) 2
    b) 3
    c) 3
    d) 1

  9. Gelijke intervals komen overeen met gelijke procentuele bewegingen.
    Daardoor ziet u beter of een correctie na een belangrijke stijging meer of minder is dan een correctie in het verleden.
    De grootte van de correctie wordt procentueel weergegeven.

  10. Dag: iedere dag verschijnt nieuwe staaaf of kaars op de gradiek
    Week:
    Maandag - Open(ma)/Hoogste(ma)/Laagste(ma)/Slot(ma)
    Dinsdag - Open(ma)/Hoogste(ma-di)/Laagste(ma-di)/Slot(di)
    Woensdag - Open(ma)/Hoogste(ma-di-wo)/Laagste(ma-di-wo)/Slot(wo)
    Donderdag - Open(ma)/Hoogste(ma-di-wo-do)/Laagste(ma-di-wo-do)/ Slot(do)
    Vrijdag - Open(ma)/Hoogste(ma-di-wo-do-vr)/Laagste(ma-di-wo-do-vr)/ Slot(vr)
    Maand:
    Dezelfde procedure als week
    De eerste dag van de maand levert de openingskoers en de laatste dag van de maand levert de slotkoers. De hoogste en laagste koers wordt gevormd door de allerhoogste/allerlaagste koers van de maand
    Kwartaal en Jaar
    Dezelfde procedure als week
    Intraday koersen
    Dezelfde procedure als week
    uur, kwartier, 5 minuten of minder
    bv uur - 12u00:
    Openingskoers 12u00’00’’
    Hoogste koers = allerhoogste van 12u00’00’’ tot en met 12u59u59’’
    Laagste koers = allerlaagste van 12u00’00’’ tot en met 12u59u59’’
    Slotkoers 12u59’59’’

  11. Door de wet van vraag en aanbod.
    Aan welke prijzen wensen kopers te blijven kopen en aan welke prijzen wensen verkopers te verkopen.
    Naarmate de tijd vordert, wijzigt de koop- en de verkoopdruk.

  12. Volume
    Afstand tussen de niveaus
    Tijd
    Ronde getallen

  13. Door een evenwijdige lijn te trekken t.o.v. de hoofdtrendlijn.
    De nieuwe lijn wordt de terugkeerlijn genoemd en beide samen vormt het kanaal.

  14. Het aantal bodems en toppen.
    De lengte van de trendlijn.
    De hellingshoek.
  15. De koers dient een bepaalde weerstand of zone te doorbreken.
    Na het doorbreken van de weerstand kunt u vervolgens uw stoploss onder die weerstand of onder de laatste bodem voor die weerstand leggen.
    Op die manier kent u uw Risico/Return Ratio.
  16. Na een koopsignaal bij doorbraak weerstand (=bullish) verkoopt een partij massa’s aandelen waardoor het aandeel terug onder de steun valt (vorige weerstand) (=valstrik). Beleggers werden gelokt en komen bedrogen uit.

  17. Een trendlijn is het ene moment een weerstandslijn.
    Breekt de koers opwaarts door de lijn, dan wordt de lijn een steunlijn.
    Dit noemt men rolwisseling.

  18. Spoed = rechtlijnige afstand tussen 2 punten
    Deze afstand wordt verdeeld in 3 gelijke delen en zo worden de spoedweerstandslijnen bekomen.

  19. Dit zijn oefeningen, controleer eventueel de theorie.

  20. Gaps in een opwaartse beweging kunnen pas na een lange periode terug gesloten worden.  
    Dit komt vaak voor bij gaps met grote volumetoename.
  21. Bij een exponentieel gemiddelde wegen recentere koersen zwaarder door. Dit type gemiddelde reageert sneller op plotse veranderingen in de koersgrafiek
  22. Het gemiddelde wordt gebruikt om de schommelingen van de koers te filteren.
    Noteert het aandeel boven een gemiddelde, dan is dit positief.
  23. Dit is afhankelijk van de gekozen periode.
    Hoe groter de parameter van het gemiddelde, des te betrouwbaarder het gemiddelde.
    De richting is een ander belangrijk signaal: de onderliggende trend wordt weergegeven.
    Het gemiddelde moet stijgen!

  24. Koers doorkruist opwaarts of neerwaarts zijn stijgend/dalend gemiddelde.

  25. Tijdens een belangrijke daling van de koers zijn het kort- en langlopend gemiddelde dalend.
    Tijdens het vormen van een bodem consolideert de koers waardoor de hoek van de dalende trend van het kortlopend gemiddelde verkleint en uitvlakt.
    De daling van het langdurende gemiddelde blijft ondertussen aanhouden.
    Bij een trendkering of een langdurige consolidatie beweegt het kortlopend gemiddelde zijwaarts of stijgt het licht.
    Het langlopend gemiddelde begint dan ook uit te vlakken.
    Bij een verderzetting van de opwaartse beweging snijdt het kortlopend gemiddelde het langlopend gemiddelde opwaarts.
    Dit geeft een bevestiging van de nieuwe trend.
    Deze bevestiging is concreter wanneer beide gemiddelden opwaarts bewegen. (=Golden Cross)

  26. Als lijngrafiek of als staafgrafiek.

  27. Er zijn 3 trendscyclussen ingedeeld volgens duur: 
    Major trend (jaren)
    Secundary trend (maanden)
    en Minor Trend (weken).

    De Major Trend wordt gesegmenteerd  in 3 fasen:
    -accumulatie fase: bodemvorming met beperkt volume
    -tweede fase: stijgende beweging met grote volumestijgingen
    -derde fase: exponentiële fase met enorme prijsstijgingen en volumetoenames

    Tijdens de daling ziet u verkoopsgolven met telkens stijgende volumes en tenslotte de paniekfase met gigantisch volume.
    Belangrijk punt is dat stijgende koersen gepaard gaan met stijgend volume.
Beantwoordt dit aan uw vraag Van harte voor uw feedback Er was een probleem tijdens het versturen van feedback

Nog hulp nodig? Ons contacteren Ons contacteren